Editoriaal december 2018

Volgens de VN Human Development Index ofte Menselijke Ontwikkelingsindex, een ruimere interpretatie van ontwikkeling van een land dan de weergave van het Bruto Nationaal Product dat louter op de economie is gebaseerd, boert Haïti achteruit. Zeer onrustwekkend, het doet mij denken aan het begrip ‘en voie d’haïtisation’ of ‘in haïtianisering’ uit de jaren ’70 en ’80 waarmee achteruitgang van een land werd aangeduid en vele landen gingen toen door een helse schuldencrisis. Voor Haïti is achteruitgang dus helaas geen nieuw fenomeen. De oorzaken ervan zijn nog veelvuldiger en complexer dan de elementen die alvast in onze traditionele rubriek ‘actueel’ aan bod komen.

In Canaan; ver weg van de stad, (moesten) tienduizenden mensen zich hervestigen na die rampzalige 12 januari 2010. Op dit stuk land van hoop, nochtans aan de droge zijde van de bergketen en overgeleverd aan de ongenadige zon, blijkt de mens veerkrachtig genoeg om kleine initiatieven in alle eenvoud en tastbare solidariteit te laten groeien met perspectief op beter samenleven.

Wynne Farm, is één van die vele typische één mans of één vrouwsinitiatieven, die het zeer goed menen met de mens in/en de natuur. In al die jaren slaagden de erfgenamen erin dit domein te handhaven, te beschermen en de natuur te helpen zich te ontwikkelen tot een paradijsje. Een voorbeeld van “als de goede omstandigheden geschapen worden” er ook veel kan in Haïti. Dat zo’n domein, ook belangrijk inzake drinkwaterhuishouding, nog steeds moet vrezen zijn grond te verliezen aan oplichters, zegt veel over de huidige context.

Michèle Pierre-Louis werkte decennialang voor een democratische, rechtvaardige en solidaire maatschappij. Zij is een sterkhoudster uit het Haïtiaanse middenveld, die ook als politiek onafhankelijke gevraagd werd om posten als minister en eerste minister van Haïti op te nemen. Onze koning huldigde haar terecht met de onderscheiding van Officier in de Orde van Leopold. Hopelijk mag zij nog lang bron van inspiratie zijn.

FINADO VZW werkt intussen 20 jaar in Haïti en we zijn blij dat ze zichzelf en hun werking in deze nieuwsbrief voorstellen. Ze doen dat aan de hand van de SDG’s, de duurzame ontwikkelingsdoelen, waar we allemaal toe uitgenodigd worden om ze samen wereldwijd te realiseren. De SDG’s op deze manier leren kennen is alvast een goed start.

100 Jaar is de Groote Oorlog voorbij, symbolisch voor elk land waaruit soldaten sneuvelden in de Westhoek, werd een stoel gestuurd. Honderd nationaliteiten streden mee en lieten het leven. En ja, ook uit Haïti, werd een stoel gestuurd.

Tenslotte zijn we er niet weinig fier op dat deze decembernieuwsbrief de eerste is die we je kunnen toesturen vanuit onze spiksplinternieuwe VHO-website. Daarmee laten we de website-kwellingen hopelijk voor lange tijd achter ons. Bedankt René! Laat ons weten wat je ervan denkt en help ons mee verbeteren. Tot de volgende!

FINADO vzw draagt bij aan de ‘duurzame ontwikkelingsdoelstellingen’

Auteur: Marina Van Huffel

In onze nieuwsbrieven hebben we het eigenlijk nog niet gehad over de duurzame ontwikkelingsdoelen, de Sustainable Development Goals of SDG’s zoals ze in het jargon worden genoemd. Ze zijn het binnen de VN afgesproken kader voor ontwikkeling in de wereld, als opvolgers van de acht milleniumdoelstellingen. Deze laatste waren vooral gericht op het wegwerken van de grote hiaten in de ontwikkeling van het Zuiden zoals armoede, kind- en moedersterfte, …. Terwijl de huidige SDG’s een kader zijn voor de globale ontwikkeling. Met dank aan Finado vzw, dat hierbij zijn werking voorstelt aan de hand van deze SDG’s en deze zo bevattelijk maakt voor ons.

Wat zijn ‘duurzame ontwikkelingsdoelstellingen’ of SDG’s (Sustainable Development Goals)?

Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen

Op 27 september 2015 legden de Verenigde Naties 17 nieuwe doelstellingen vast voor een duurzame ontwikkeling van de wereld. De 17 hoofddoelstellingen en 169 subdoelstellingen vormen het belangrijkste internationaal duurzaamheidkader voor de komende jaren (tot 2030). Deze duurzame ontwikkelingsdoelstellingen zijn universeel en gelden voor alle landen in de wereld, Noord en Zuid. Ze werden erkend door 193 landen en zijn de opvolgers van de Millenniumdoelstellingen die erop gericht waren tussen 2000 en 2015 de armoede uit de wereld te bannen.

Door het bereiken van de doelstellingen maken we een einde aan armoede, beschermen we de planeet en verzekeren we dat alle mensen vrede en welzijn ervaren.

Oprichting van FINADO

Gezinnen die leven in extreme armoede, in onmenselijke omstandigheden, willen helpen op “de weg naar een betere toekomst” was de drijfveer voor het oprichten van FINADO.

Vzw FINADO werd opgericht op 21 december 1998.

Sinds 1999 is onze vereniging zonder onderbreking erkend als instelling voor hulpverlening aan ontwikkelingslanden (m.a.w. voor een financiële gift vanaf 40 euro per jaar mag FINADO een fiscaal attest uitreiken).

De basis van de werking in België ontstaat in de drie werkgroepen die zich specifiek op één van de drie partnerlanden richten: Ethiopië, Haïti en Vietnam.

Het functioneren van de organisatie steunt voor honderd procent op vrijwilligerswerk.

Hoofddoel van FINADO

Samen met de plaatselijke partnerorganisaties wil FINADO de levensomstandigheden van extreem arme gezinnen structureel helpen verbeteren door de realisatie van duurzame projecten.

Hoe FINADO-projecten bijdragen aan de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s).

GEEN ARMOEDE

SDG 1: het uitroeien van armoede in al haar vormen en overal ter wereld.

Het VN-Ontwikkelingsprogramma (UNDP) stelt dat wereldwijd 1,2 miljard mensen onder de armoedegrens leven, dit wil zeggen dat ze met minder dan $1,25 per dag moeten rondkomen.

FINADO organiseert ‘peterschappen’, een financieel engagement naar een kind en zijn of haar familie. Arme gezinnen een betere toekomst bieden in hun eigen milieu is het doel van deze betrokkenheid.

GEEN HONGER

SDG 2: beëindig honger, bereik voedselzekerheid en verbeterde voeding en promoot duurzame landbouw.

Deze doelstelling richt zich voornamelijk op gezinnen in kwetsbare situaties. Hun kinderen lijden vaak aan chronische ondervoeding en groeistoornissen.

FINADO tracht deze problematiek te voorkomen door het organiseren van voedingsprojecten. We ondersteunen tegelijk de lokale landbouwers door de voedingsproducten zoals fruit, rijst, bonen en andere groenten bij hen aan te kopen.

GOEDE GEZONDHEID EN WELZIJN

SDG 3: verzeker een goede gezondheid en welzijn.

De meeste baby’s komen op het platte land in Haïti ter wereld in het huisje van de moeder of grootmoeder, vaak met de hulp van een traditionele vroedvrouw. De bevolking staat bloot aan vele ziektes, zoals aids, malaria, dengue, tyfus, cholera, e.a..

Een ‘peterschap’ verzekert de toegang tot medische zorg. In de voeding en vormingscentra worden opleidingen over hygiëne, gezinsplanning en de preventie voor ziektes op touw gezet.

KWALITEITSONDERWIJS

SDG 4: gelijke toegang tot kwaliteitsvol onderwijs.

In ontwikkelingslanden heeft één op zes kinderen geen toegang tot basisonderwijs.

FINADO besteedt extra aandacht aan onderwijs. In scholen opgetrokken via FINADO en haar zuiderse partners zijn alle kinderen welkom. Jaarlijks worden de scholen voorzien van het nodige schoolmateriaal. Zij bieden basisvoorzieningen zoals voeding, zuiver drinkbaar water en sanitair.

GENDERGELIJKHEID

SDG 5: bereik gendergelijkheid en empowerment voor alle vrouwen en meisjes.


Bij het realiseren van projecten stimuleren Finado en haar partners de gelijkheid van mannen en vrouwen. Trouwens SDG 5 kunnen we alleen bereiken als vrouwen gelijke toegang hebben tot gezondheidszorg, onderwijs en economische middelen.

Zowel mannen als vrouwen kunnen hun mening en kritiek geven bij alle activiteiten van het FINADO-project.

SCHOON WATER EN SANITAIR
SCHOON WATER EN SANITAIR

SDG 6: toegang tot schoon water en sanitair voor iedereen.

De plattelandsbevolking in Haïti moet vaak uren stappen om water te vinden, wat dan meestal nog te vuil is voor het huishoudelijk gebruik.
De meeste dorpelingen hebben geen latrine en doen hun behoefte in de buurt van hun verblijfplaats, met als gevolg de verspreiding van bacteriën en andere besmettelijke ziekteverwekkers.

Schoon water is een vereiste wanneer we de verspreiding van water gerelateerde ziekten willen verminderen.


FINADO en haar partners verbeteren de toegang tot water- en sanitaire voorzieningen in de regio’s waar we actief zijn.

Op het grondgebied van onze scholen voorzien we steeds een waterput met duurzame handpomp en een sanitair gebouw. Via de daken van de scholen wordt het regenwater opgevangen in een reservoir voor het onderhoud, het toiletgebouw en voor irrigatie tijdens het droogseizoen. De toegang tot zuiver drinkwater en sanitatie is verzekerd voor de gemeenschap.

KLIMAATACTIE

SDG 13: neem dringend actie om klimaatverandering en haar impact te bestrijden.

Haïti behoort tot de meest kwetsbare landen van de klimaatwijziging. Door de opwarming van de aarde neemt de intensiteit van tropische stormen en grondverschuivingen toe. Hierdoor stijgt de frequentie van de ziektes die overgebracht worden via besmette waterbronnen, waaronder cholera.

Tijdens sensibiliserende activiteiten worden de dorpelingen op de hoogte gebracht over de negatieve gevolgen van de klimaatopwarming.

PARTNERSCHAP OM DOELSTELLINGEN TE BEREIKEN

SDG 17: versterk het wereldwijd partnerschap voor duurzame ontwikkeling.

De Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG) kunnen enkel gerealiseerd worden met een sterk engagement voor internationale partnerschappen en samenwerking.

FINADO vzw werkt sinds 1998 samen met plaatselijke, erkende partnerorganisaties.

Meer informatie:

  • http://www.finado.be/
  • http://www.un.org/millenniumgoals/
  • https://www.unric.org/nl/sdg-in-nederlands
  • https://do.vlaanderen.be/hoe-gaat-vlaanderen-de-sdgs-realiseren

Canaan, land van belofte

Auteur: P. Jean Hostens, CICM

Heel ver, aan de rand van de laatste buitenwijken ten noorden van de hoofdstad heeft de regering na de aardbeving (2010) een gans terrein “van openbaar nut” verklaard. Ik heb er nog nooit een boom(pje) zien groeien. En ik ben nu toch al 43 jaar in Haïti ! Het terrein ligt tegen een bergflank aan, maar langs de droge zijde van de bergen. Eens over de bergen heen heb je de groene kant, waar een goede portie neerslag valt. En daar zijn ze komen wonen, beter gezegd ‘komen hokken’. Mensen die alles kwijt geraakten in de aardbeving: hun huisje of een tweekamertjeswoning die ze huurden . . . misschien maar heel waarschijnlijk hadden ze een handeltje om langs de straat te verkopen, een klein winkeltje . . . om maar niet te spreken van familieleden, buren of nabije vrienden . . . Ik merk dat ik veel drie puntjes schrijf. Dat is voor al de miserie dat ze meegemaakt hebben en o zo moeilijk uit te drukken is. Ze hebben in de open lucht geslapen en geleefd, niet wetend waar naartoe.

Dan zijn ze maar naar hier gekomen. En hebben de streek “Canaan” genoemd, het beloofde land aan de Israëlieten, die op zoek waren naar hun stukje land. Het Beloofde Land, maar dan zonder melk en honing. ’Land van Belofte’, maar voor die mensen wel, een stukje grond met hoop om terug opnieuw te beginnen.

Zicht op Canaan
Zicht op Canaan

Ik heb er nog nooit een boom(pje) zien groeien.

En ze hebben het verdeeld in wijken: Canaan 1, Canaan 2 … , andere namen ook zoals Jeruzalem, Corail, Saint Christophe … En daar zijn heel wat mensen komen wonen. Heel wat. We schatten zo’n 250 000 mensen, niemand kan het precies weten, nergens ingeschreven of geregistreerd. Met wat afvalmateriaal, dat was er genoeg na de aardbeving, dat werd ook onmiddellijk verhandeld, bouwden ze een ‘huisje’, een onderdak tegen de zon en de wind, het regent er bijna nooit. Hier zegt men dat een dak wel de zon tegenhoudt maar niet de regen, om hun miserie uit te drukken.

Een paar zusters van de Jacht werkten onder de mensen in de volksbuurten. Ze ondersteunden er groepen van “solidaire mutualiteiten”, in het Frans “mutuelles solidaires”. Met de aardbeving zijn er van die mensen terechtgekomen in Canaan. En toen ben ik bijgesprongen om met hen van die solidaire groepen op te richten, te ondersteunen, te begeleiden. Voor het ogenblik, na tweeënhalf jaar zijn er drie actief.
Een “solidaire mutualiteit” telt ongeveer een dertigtal mensen, vooral vrouwen, die bijeen komen om wat ‘tijd’, ‘ideeën’ en ‘geld’ bijeen te leggen. De bedoeling is dat de groep een klein kapitaaltje samenbrengt dat ze dan om beurt aan elkaar lenen. Maar men moet mekaar wel wat leren kennen, wie is wie, wie doet wat. Het is voortdurend werken om een zeker vertrouwen onder elkaar op te bouwen. Daarom ook de wekelijkse ‘algemene vergadering’, om een stukje van je ‘tijd’ aan elkaar te geven. Iedereen kan lid worden van zo’n groep. Het heeft niks met één of andere kerkgemeenschap te maken.

Zo beginnen we altijd met een Bijbellezing, om er wat inspiratie uit op te doen. Er wordt niet gepreekt maar wel een klein half uurtje over gedebatteerd. We zoeken wie is wat in die lezing, wat is de positie van die personen in hun maatschappij, sociaal, economisch, politiek, religieus. Wat zoeken ze te verdedigen. En waar staat dan die Jezus van Nazareth in dit milieu, wat zegt hij, wat doet hij, wat verdedigt hij. Enz. Enz. Enz. Zo brengen die mensen van Solidaire Mutualiteiten ‘hun’ ideeën naar voor, leren ze het woord te nemen en ook met veel geduld te luisteren naar elkaar, naar ieders inbreng. Daarna besteden we een tijd aan zakelijke besprekingen over het beheren van het kapitaaltje dat ze al hebben, om maatregelen te nemen waar het systeem niet werkt, om naar de toekomst te denken. Want er is wel een voorzitter en zo, een comité dat elk jaar verkozen wordt. Maar die kunnen alleen uitvoeren. Alle beslissingen worden op de wekelijkse vergadering genomen.

Elk lid van de groep engageert zich om elke week 1,5 € bij te dragen. Voor dit geld kan je ergens langs de weg een goede maaltijd kopen met een frisdrank erbij. Elk lid van onze eerste groep heeft zo al 175 € bijgedragen. Met 31 leden geeft dat een totaal van 5 425 € en daarbij komt al de intrest die het lenen heeft opgebracht. Dat kapitaal blijft altijd op zijn naam ingeschreven. Maar alles komt in de gemeenschappelijke pot. Om beurt kan men nu een lening aangaan. De grootte van de lening is voor iedereen gelijk, al naargelang het kapitaal dat beschikbaar is. Nu is men gekomen aan een lening van 450 € aan 5 % interest om af te betalen op een termijn van 6 maanden. De eerste maand wordt gratie verleend, en dan volgen 5 schijven om de maand. Dat wordt de ‘groene’ kas genoemd, want groen betekent hoop, en hoop doet leven. Er is ook een ‘rode’ kas. Daar dragen de mensen elke week 0,15 € bij. Dit is een gift en dus niet meer opvorderbaar. Dit geld wordt besteed voor de leden en hun naaste familieleden voor ziekte, hospitalisatie, sterfgevallen, huwelijken … ook voor noodgevallen in de buurt. Zo was er een huisje afgebrand, het alleenstaande vrouwtje verloor alles in de vlammen. Een paar mensen van de groep zijn dat vrouwtje gaan bezoeken, om te laten voelen dat ze niet ‘alleen’ is en hebben haar vanwege de groep 30 € gegeven. Het is niet veel maar ze kon wat kleren kopen en … en ….

Met wat afvalmateriaal, dat was er genoeg na de aardbeving, dat werd ook onmiddellijk verhandeld, bouwden ze een ‘huisje’

Een huisje van creatieve mensen
Een huisje van creatieve mensen

Gans die werking heeft een administratie en boekhouding. Wat niet gemakkelijk is voor die mensen. Gelukkig vinden we tot nu toe mensen in elke groep om alles op te schrijven. Maar soms ga ik toch naar mijn gemeenschap bij de Missionarissen van Scheut om de boeken na te kijken.

Daar in Canaan is ook een katholieke kerkgemeenschap, een kapel afhankelijk van een parochie. Op sommige zondagen ga ik er voor in de viering. En dan wat vergaderen met de jeugd, de Chiro of een zangkoor of een kinder- en jongerengroep of het comité of gewoon wat rond hangen en blijven keuvelen. En zo blijven we aanwezig, als missionaris, onder de mensen.

Heel vele groetjes uit het warme Haiti.
P. Jean Hostens, CICM

Meer informatie:

Wynne Farm: eerste stappen voor de erkenning van een bedreigd natuurreservaat

Auteur: Ilse Roels

Op een hoogte van 1.800m ligt de Wynne Farm, een natuurreservaat van 30 hectare groot in de bergen van Kenscoff (Obleon). Het domein werd aangekocht en ingericht in de jaren 50-60 door Victor Day – een Amerikaans burgerlijk ingenieur. Hij had als doel de Haïtiaanse biodiversiteit te beschermen en via milieueducatie aan te tonen hoe men op een duurzame wijze aan landbouw kan doen. Naast de bescherming van inheemse biodiversiteit, introduceerde hij flora van verschillende Caribische en Latijns-Amerikaanse landen. Met een minimum aan financiële middelen zetten Jane Wynn en haar dochters het werk van Victor Day verder ondanks de vele bedreigingen door bendes van oplichters die de gronden proberen te bemachtigen (landgrabbing).

Sensibilisering rond milieu voor scholen (Foto van Wynn Farm)

“Het milieu beschermen is de mensheid beschermen,” zegt Melissa Day,

Wynn Farm herbergt vandaag een studiecentrum voor lokale boeren rond herbebossing en organische landbouw, waar studenten en onderzoekers van Haïtiaanse en buitenlandse universiteiten bij betrokken zijn. Scholen, families en toeristen komen wekelijks over de vloer voor een bezoek aan de farm, waarbij ze geïntroduceerd worden in milieueducatie via een wandeling en uitleg over biodiversiteit of workshops recyclage van papier, composteren, koken met zonne-energie, enz..

Jane Wynn en haar dochter Melissa Day (Foto van Danielle Dreis)
Jane Wynn en haar dochter Melissa Day (Foto van Danielle Dreis)

“Het milieu beschermen is de mensheid beschermen,” zegt Melissa Day, kleindochter van Victor Day. “Het is enorm belangrijk jonge generaties te vormen en te sensibiliseren om onze planeet te beschermen”. Wynn Farm is ook een rustgevende plek, een oase zeg maar voor meditatie en yoga.

Maar Wynne Farm betekent nog meer. Het domein speelt een belangrijke rol in de waterbevoorrading van Carrefour, Pétion-Ville en Port-au-Prince. Cartografie toonde immers dat de bronnen van Rivière Froide zich op het landgoed van de Wynne Farm bevinden en dat het natuurreservaat ook gedeeltelijk het waterreservoir van Rivière Momance, Grise et Froide bevoorraadt. De verstedelijking rond Kenscoff sinds 2002 bedreigde het voortbestaan van de Wynne Farm door landgrabbing (landdiefstal of –oplichting) door diverse speculanten. Begin juni dit jaar trok de Wynne Farm nogmaals hard aan de alarmbel na de illegale verkoop van gronden en landgrabbing door gewapende bendes die inbraken en vernielingen aanrichten op het domein.

Na jaren lobbywerk, kwam er deze zomer eindelijk een positief signaal van de overheid. Met CIAT (Comité Interministeriël d’Aménagement du Territoire) werd de procedure opgestart om Wynne Farm de facto te erkennen als beschermd gebied en het ANAP (Agence Nationale des Aires Protegées) stelde een speciale brigade boswachters ter beschikking van de Wynne Farm om de fysieke integriteit van het domein te beschermen. De minister van milieu motiveerde zijn beslissing in een nota waarin hij stelt dat de het ecologisch reservaat Wynn Farm een natuurlijk goed is dat deel uitmaakt van het nationale patrimonium.

Todus Angusrtirostris (Foto van René Durocher)

Toch is de strijd nog lang niet gestreden en wordt gevreesd dat speculanten zich voorbereiden om opnieuw toe te slaan. De Wynne Farm zoekt daarom financiële middelen voor de realisatie van een officiële globale opmeting van het hele domein, met de medewerking van alle betrokken autoriteiten. Melissa Day vertelt ons dat de Wynne Farm vandaag immers bestaat uit 30 verschillende stukken grond die aangekocht werden over een periode van meer dan 20 jaar. “De grootste prioriteit nu is de erkenning van het hele landgoed als beschermd gebied, daarna kan verder worden gegaan met andere activiteiten zoals omheinen, sensibiliseren, reglementeren, enzovoort”.

Meer informatie:

  • http://vlaams-haiti-overleg.be/artikels/milieuverloedering-lijdt-tot-extreme-armoede
  • https://www.google.com/maps/@18.4434851,-72.288056,15z

De GROOTE OORLOG en de STOEL uit HAÏTI

Het ‘In Flanders Fields Museum’ had het bijzondere idee om in het kader van het herdenkingsweekend 9-11 november 2018 van de GROOTE OORLOG een bijzonder initiatief op te zetten.

Vanuit elk land van waaruit een soldaat naar België kwam meestrijden heeft men een stoel laten overbrengen (met steun van DHL). Elke stoel staat voor een land van waaruit een soldaat naar België kwam en thuis een lege stoel achterliet. Er werden een honderdtal stoelen uit de hele wereld overgebracht en hier geïnstalleerd. De stoel keert niet meer terug naar het land van herkomst, zoals ook de soldaten niet terugkeerden.

Het resultaat van het werk van François Claude.

Er is tot op vandaag ook één Haïtiaanse soldaat bekend die meevocht aan het front van 16 augustus 1916 tot 27 april 1918. Soldaat Joseph Fred WOOLLEY maakte deel uit van het Royal Garrison Artillery en sneuvelde. Hij was geboren in Haïti, West Indies, en woonde in Parijs waar hij een vrouw en kind achterliet.

Ter herdenking van deze aanwezigheid van Haïti in de GROOTE OORLOG zorgden Broederlijk Delen medewerkers in Haïti ervoor dat een prachtige stoel op tijd in Ieper aankwam.

De stoel werd in een week tijd gemaakt door de 66-jarige ambachtsman en meubelmaker François Claude uit in Port-au-Prince.

Behalve de melding dat Haïti ook op een zij het beperkte manier mee aanwezig was in WOI, willen we zeker ook even stilstaan bij de toenmalige situatie in Haïti, en verwijzen naar onderstaande commentaar van Pieter Thys, coöperant in Haïti:

“Tijdens WOI was Haïti zelf bezet door de Verenigde Staten. De bezetting van Haïti door de VS gebeurde officieel vanwege politieke instabiliteit in Haïti (de president werd op straat vermoord door een woedende menigte), maar het leidt geen twijfel dat de VS hier vooral zijn eigen economische en politieke belangen voor ogen had. Ik vermoed dan ook dat Haïtianen die sneuvelden in WOI vochten voor het Amerikaanse leger en niet zozeer omdat Haïti een zijde koos in het conflict. WOI was uiteindelijk een oorlog tussen koloniale machten, en de kolonies en bezette gebieden werden in het conflict meegesleurd, onder andere door het leveren van troepen. De Amerikaanse bezetting van Haïti is een erg bitter hoofdstuk in de geschiedenis van het land. De betekenis van het opsturen van zo’n stoel zal in Haïti ongetwijfeld een heel eigen betekenis krijgen (wat op zich ook interessant is, want het kan tot een publiek debat leiden).”

Meer over de herdenkingsviering in Ieper:

  • https://www.focus-wtv.be/nieuws/flanders-fields-kreeg-kleine-100-stoelen-opgestuurd

Meer over de Amerikaanse bezetting van Haïti:

  • http://vlaams-haiti-overleg.be/artikels/100-jaar-na-het-amerikaans-haitiaanse-verdrag-van-1915.html

Mevrouw Michèle Pierre-Louis krijgt hoge Belgische onderscheiding

Mevrouw Michèle Pierre-Louis is de voorzitster van FOKAL (Fondation Connaissance et Liberté), een belangrijke partner in Haïti van Wallonie-Bruxelles International (WBI), de gezamenlijke dienst internationale samenwerking van Brussel en Wallonië. Deze economiste van opleiding, tevens onafhankelijke politica, was onder President Preval Eerste Minister van Haïti tussen 8 september 2008 en 11 november 2009. Na de aardbeving van 2010 werd zij zeer gewaardeerd voor haar inspanningen bij de reconstructie.

Mevrouw Michèle Pierre-Louis
Mevrouw Michèle Pierre-Louis

Op maandag 11 juni 2018 heeft de ambassadeur van het Koninkrijk België, de heer Patrick Van Gheel, aan mevrouw Pierre-Louis, geboren Duvivier, de onderscheiding van Officier in de Orde van Leopold verleend. De titel werd haar toegekend door de Koning der Belgen, Zijne Majesteit Koning Filip, in een koninklijk besluit van 8 mei 2018.

De ceremonie vond plaats tijdens een receptie op het Belgische Consulaat te Port-au-Prince ter gelegenheid van de 5de Gemengde Commissie die het samenwerkingsakkoord uitwerkte tussen de regeringen van Wallonië, van de Federatie Wallonie-Bruxelles en van de Republiek Haïti. Daarom ook aanwezig was mevrouw Pascale Delcomminette, algemeen administrateur van Wallonie-Bruxelles International (WBI).

Tijdens de overhandiging van de medaille verklaarde de heer Van Gheel dat de onderscheiding aan mevrouw Pierre-Louis verleend werd omwille van haar voorbeeldige bijdrage aan de ontwikkeling van Haïti, vooral in het domein van cultuur en opvoeding, en dat van de versterking van de civiele maatschappij en van de vrouwenrechten.

Na de ceremonie verklaarde Pierre-Louis dat ze zeer getroffen was dergelijke eer vanuit België te mogen ontvangen in aanwezigheid van familie en haar collega’s van FOKAL. Ze was blij te vernemen dat de Belgische Ambassade voor deze hoge onderscheiding haar naam had voorgesteld aan de Koning der Belgen. Maar dat ze deze decoratie had gekregen was voor een groot deel een beloning voor de collectieve inzet van alle medewerkers van FOKAL!

De orde van Leopold is de hoogste onderscheiding van België. Ze werd opgericht in 1832 en dankt haar naam aan koning Leopold I. Ze wordt toegekend voor buitengewone verdiensten en strekt zich uit over alle domeinen.

Bewerking en vertaling: Paul De Wolf

Meer informatie:

Actueel december 2018

Haïti heeft sinds 16 september een nieuwe eerste minister en een nieuwe regering. Er waren de afgelopen maanden verschillende kleine aardbevingen gevolgd door een grote van 5,9 op de schaal van Richter op 6 oktober, waarbij doden vielen en heel wat materiële schade werd aangericht. In de internationale statistieken rond levensverwachting, algemene ontwikkeling en competitiviteit gaat Haïti erop achteruit. Het schandaal rond het PetroCaribe fonds blijft de gemoederen beroeren. De onveiligheid neemt toe. Er is meer geweld en het optreden van de politie blijft niet altijd onbesproken. In de gevangenissen zijn de levensomstandigheden verschrikkelijk. Veel gevangenen sterven zelfs in voorhechtenis.

Begin juli was er hevig protest tegen een geplande verhoging van de brandstofprijzen. Tijdens de erop volgende rellen vielen 20 doden en werd heel wat materiële schade aangericht. Premier Jack Guy Lafontant diende ontslag te nemen. President Jovenel Moïse beloofde om te zoeken naar een nieuwe eerste minister die een nieuwe regering zou vormen.
Op 5 augustus schoof de president Jean Henry Céant naar voor als toekomstige premier. De senaat en de kamer van volksvertegenwoordigers dienden de benoeming van Jean Henry Céant te ratificeren. Dit gebeurde na twee marathon zittingen van respectievelijk de senaat die debatteerde tot diep in de nacht van 14 op 15 september en de kamer van volksvertegenwoordigers die vergaderde tijdens de daarop volgende nacht.
Enkele ministers van de nieuwe regering lagen al meteen onder vuur, omdat ze een dubbele nationaliteit hadden of omdat ze verdacht werden van fiscale fraude.
De nieuwe premier en zijn regering staan voor enorme uitdagingen. De socio-economische situatie gaat er alleen maar op achteruit. In september, bij de aanvang van het nieuwe schooljaar, konden veel ouders hun kinderen niet naar school sturen, omdat ze geen geld hadden om het inschrijvingsgeld en de studieboeken te betalen. De gourde (HTG) verloor tussen oktober 2014 en juli 2018, 50% van zijn waarde tegenover de Amerikaanse dollar. Vandaag kost een Amerikaanse dollar meer dan 70 gourdes. De gezinnen zien hun koopkracht stelselmatig verminderen door een inflatie van ruim 15%.
Bij de voorstelling van het nieuwe kabinet op maandag 17 september was er al ongenoegen. De nieuwe regering telde 21 ministers terwijl op de lijst ter goedkeuring voor het parlement slechts 18 ministers stonden. In moeilijke tijden waar bespaard moet worden op de uitgaven van de staat, is het aanstellen van 3 extra ministers alvast een verkeerd signaal. Vanuit feministische hoek klonk er kritiek omdat er maar 5 vrouwen deel uitmaken van het nieuwe kabinet (23%) en het vastgelegd quota van 30 % niet wordt gerespecteerd.
Verschillende organisaties maakten duidelijk wat de prioriteiten van de nieuwe regering moeten zijn: vertrouwen uitstralen, orde brengen in de financies van de staat, de rechten van vrouwen doen respecteren, justitie voldoende werkingsmiddelen geven zodat iets kan ondernomen worden tegen de welig tierende corruptie en straffeloosheid. De bevolking heeft geen vertrouwen meer in de overheidsinstellingen, aangezien ze verstoken blijft van de meest elementaire diensten, waar een overheid moet voor zorgen.

Nieuwe aardbeving

Van januari tot augustus 2018 waren er 30 lichte aardschokken in Haïti, wat aantoont dat Haïti en dan vooral het noorden van Haïti, voortdurend bedreigd wordt door een zware aardbeving.
Op 23 en 24 september waren er twee lichte aardschokken die gevoeld werden in het noorden van Haïti. Het centrum van de aardbeving van 23 september lag in de Dominicaanse Republiek waar een sterkte van 5,2 op de schaal van Richter gemeten werd. De schok was voelbaar in Ouanaminthe en Cap-Haïtien. Er brak paniek uit in Ouanaminthe, Capotille en Fort-Liberté, maar nergens was er schade. De Haïtiaanse dienst voor seismologie waarschuwde dat in het noorden van Haïti de mogelijkheid bestaat voor een aardbeving van 8 op de schaal van Richter, die zou kunnen gepaard gaan met een tsunami. De seismologen roepen de Haïtiaanse autoriteiten op om streng toe te zien op de bouwsector, zodat er alleen nog gebouwen opgetrokken worden die aardbevingsbestendig zijn. Sommige schoolgebouwen zijn in zo’n slechte staat dat ze beter worden afgebroken. Ze vormen een bedreiging voor de leerlingen die er naar school gaan, want bij een aardbeving dreigen ze in te storten. Tijdens de aardbeving van 12 januari 2010 stortten ongeveer 1300 schoolgebouwen in. Toen vielen er naar schatting 300 000 doden te betreuren.
De overheid moet niet alleen strenge bouwvoorschriften opleggen, ze moet de bevolking ook vormen en voorbereiden op wat ze moet doen bij een aardbeving. Daarnaast moet ze de spoeddiensten in de verschillende ziekenhuizen beter uitrusten zodat ze efficiënt kunnen reageren als er gewonden binnenstromen na een aardbeving.
Op zaterdag 6 oktober was er dan een aardbeving met een sterkte van 5,9 op de schaal van Richter. Er waren 9 doden in Port-de-Paix, 1 in Saint-Louis du Nord en 7 in Gros Morne. Daarnaast waren er meer dan 400 gewonden. Bijna 8000 families kwamen op straat te staan omdat hun huizen geheel of gedeeltelijk waren ingestort.
Gros Morne werd zwaar getroffen: 510 huizen werden vernield, 1 600 huizen werden zwaar beschadigd en 1 806 huizen vertoonden barsten. Daarnaast werden 42 grote gebouwen, zoals scholen, kerken, en overheidsgebouwen, zwaar beschadigd. Een week na de aardbeving zei een volksvertegenwoordiger, afkomstig uit de streek van Gros Morne, dat onderdak voor de families die onder de blote hemel moeten slapen absoluut prioritair was. Hij betreurde dat de interventies van de staat maar traag op gang kwamen. ‘De families hebben niet zozeer voedselpakketten nodig, maar wel bouwmaterialen zoals golfplaten en hout om hun huizen te kunnen heropbouwen’ verklaarde hij in een interview op de radio.
Een journalist die naar Port-de-Paix trok stelde vast dat de gewonden wel de noodzakelijke verzorging kregen, maar dat de families die hun huis hadden verloren, aan hun lot werden overgelaten. De meesten van hen zochten onderdak in kerkgebouwen.

Het PetroCaribe fonds

Sinds midden augustus waren er verschillende grote betogingen, zowel in Haïti als in het buitenland door de Haïtiaanse diaspora. De manifestanten eisten duidelijkheid in verband met het PetroCaribe fonds. Waarvoor werden de meer dan 3 miljard Amerikaanse dollar van het fonds gebruikt? In het dossier worden heel wat hoge functionarissen van de staat genoemd en ook heel wat personen uit de entourage van president Jovenel Moïse.
Op 18 oktober, tijdens de officiële herdenking van de 212de verjaardag van de moord op Jean-Jacques Dessalines, de stichter van het vaderland, verklaarde de president dat er een proces komt over het verduisterde geld van het PetroCaribe fonds.
In het kader van de campagne #PetroCaribeChallenge, die gevoerd werd op sociale media, kwamen op diezelfde dag in tientallen steden van Haïti duizenden mensen op straat om duidelijkheid te vragen in verband met de verkwisting en verduistering van het geld van het PetroCaribe fonds.
Op 18 november, de dag waarop de 215de verjaardag van de slag van Vertières herdacht werd, was er opnieuw protest.
Het PetroCaribe dossier is voor de bevolking een symbooldossier geworden. Het toont aan dat de hoogste functionarissen van de staat corrupt zijn, dat justitie niet werkt en dat de een de ander de hand boven het hoofd houdt. Het volk is deze situatie meer dan beu. De gewone Haïtiaan moet elke dag opnieuw vechten om te overleven en ziet met lede ogen aan hoe de verkozenen van het volk alleen maar uit zijn op eigen gewin.

Achteruitgang

In het VN-rapport van 2018 dat de index van de algemene ontwikkeling van alle landen vergelijkt, staat Haïti op plaats 168 van de 189 landen. Volgens het rapport van de Verenigde Naties is Haiti het enige land in de Caraïben dat valt onder de categorie van landen met een zwakke menselijke ontwikkeling. De gemiddelde levensverwachting van een Haïtiaan bedraagt 63 jaar, terwijl die van een Dominicaan 74 bedraagt. Een Cubaan wordt gemiddeld 79 jaar en een Jamaïcaan heeft een levensverwachting van 76 jaar. In Haïti sterven nog steeds 359 moeders per 100 000 geboortes.
Als reactie op het VN-rapport kon men in Haïti horen dat de resultaten te verwachten waren aangezien er door de overheid geen beleid gevoerd wordt dat gericht is op het creëren van jobs of dat iedereen toegang wil geven tot degelijk onderwijs en goede medische zorgen.
In het klassement van het Wereld Economisch Forum dat de competitiviteit van de landen meet, staat Haïti op plaats 138 van de 140 landen die wereldwijd geanalyseerd werden. In het vorige rapport stond Haïti nog op plaats 128 van de 137 economieën die vergeleken werden. De oorzaak van deze zwakke score is volgens velen te wijten aan de welig tierende corruptie in Haïti. Denk maar aan het gesjoemel met het PetroCaribe fonds. Iemand vergeleek de Haïtiaanse president met een minderjarige, die geen verantwoording hoeft af te leggen in verband met het financiële reilen en zeilen van de staat. Precies omdat er corruptie is van het laagste tot het hoogste niveau, valt deze zeer moeilijk te bestrijden.

Bendegeweld en optreden politie

Aan het einde van dit jaar is er veel geweld in verschillende volkswijken van Port-au-Prince. Veel inwoners van de hoofdstad maken zich zorgen over het klimaat van onveiligheid. Tijdens de maand november werden bijna 100 mensen doodgeschoten. Van januari tot september kwamen in Port-au-Prince 415 mensen om door wapengeweld.
Veel wijken worden gecontroleerd door gewapende bendes, die mensen afpersen en op andere manieren terreur zaaien. De politie probeert de gewapende bendes te ontmantelen, maar dit verloopt niet altijd zoals het zou moeten. Bij politie interventies wordt soms veel geweld gebruikt en worden onschuldige burgers opgepakt. Een verantwoordelijke van de Nationale Commissie Rechtvaardigheid en Vrede van de katholieke kerk, verklaarde dat er elke dag slachtoffers zijn van het wapengeweld. Hij zei verder dat de politie geïnfiltreerd wordt door de maffia en dat er relaties bestaan tussen het banditisme en de politie. Er bestaat volgens hem te weinig politieke wil om het probleem van het banditisme aan te pakken. Hij beschuldigde bepaalde autoriteiten zelfs van medeplichtigheid met de bandieten.

Gevangenissen

In de Haïtiaanse gevangenissen is de situatie ronduit mensonwaardig. Van januari tot juni kwamen er 118 gevangenen om. De sterfgevallen zijn vooral te wijten aan slechte en onevenwichtige voeding en het gebrek aan medische verzorging. De gebouwen waarin de gevangenen opgesloten zitten, zijn ongeschikt. Er zijn onvoldoende bedden. Gevangenen moeten soms op de grond opeen stuk karton slapen. Van de gevangen is maar 25% veroordeeld. Dit wil zeggen dat 75% van de gevangenen in voorarrest wachten op hun proces. Vele gevangenen sterven dus vooraleer hun proces plaats vindt. Mensenrechtenorganisaties veroordelen deze situatie scherp.

Het hoe en waarom van de nieuwe website

Beste nieuwsbrieflezer en Haïtigeïnteresseerde,

Mochten de goede ontwikkelingen in Haïti maar even snel gaan als de ontwikkelingen in de ICT-wereld, dan konden we een veel aangenamere nieuwsbrief samenschrijven over dat landje.

Onze website gemaakt met Drupal 5 is intussen al zo oud (ongeveer 8 -9 jaar) dat de software ervan niet meer ondersteund wordt. We zijn nu aan Drupal 8. Er moest dus iets gebeuren, wilden we de rijkdom aan informatie op deze website toegankelijk houden in de toekomst en onze nieuwsbrief blijven sturen. Na een jaar processie van Echternach en de kunde van onze vrijwilliger met ICT verleden René, is de knoop nu doorgehakt. Een nieuwe website is de uitkomst zonder dat de oude info verloren gaat.

Zo legt René het uit:

Onze welbekende website http://vlaams-haiti-overleg.be/ is nu een archief geworden en de nieuwe website is opgestart. Alle links vanuit de vorige nieuwsbrieven werken nog, ze komen terecht in het archief, dat er voor de bezoeker net zo uitziet als de vroegere website. Ook de links in het archief zelf werken nog.

Er is geen zoekfunctie in het archief,  die liet het al een beetje afweten. Maar gouden tip: zoek vanuit Google om artikels in het archief terug te vinden.

De nieuwe website steunt op een spiksplinternieuwe versie van WordPress. Je komt in de nieuwe website via een link op de beginpagina van het archief. In de nieuwe website kan je in de pagina “Wat is VHO?” ook terug klikken naar het archief.

Alle artikels voor de komende nieuwsbrieven zullen op de nieuwe website terecht komen alsook de komende nieuwsbrieven zelf. Zowel de nieuwe website als de artikels en de nieuwsbrieven zullen er enigszins anders uitzien dan wat we gewoon waren, maar er kan nog van alles worden aangepast. Heb je suggesties, aarzel niet ze door te sturen!

We danken je voor je support aan het Haïtiaanse volk en wensen je ook via de nieuwe website veel interessante leesmomentjes. Heb je een idee of bedenking voor of bij onze nieuwsbrief? Spoel het niet door, maar deel het met onze redactie!

Van harte en kèmbe fèm!

Rhoddy Namens de redactieploeg