Toekomstdromen van Haïtiaanse jongeren

Op 19 juni luisterden we in de lokalen van 11.11.11 in Brussel naar de getuigenis van Julien Deroy, over zijn initiatief samen met enkele jonge collega’s om jonge boeren te stimuleren tot ondernemen in de landbouw.

In juni was Julien Deroy in het land. Julien is een jonge landbouwingenieur die tot voor kort medewerker was van Join for Water (ex-Protos), maar nu werk wil maken van zijn doctoraatsstudie.

Julien besliste een tijdje terug om samen met een aantal studiegenoten hun reeds opgedane ervaring in de landbouw ten dienste te stellen van de eigen gemeenschappen in het Noordwesten, in de streek rond Port-de-Paix, waar deze recent afgestudeerden ‘thuis’ zijn. Hun initiatief noemen ze Etage.

De leden van Etage zorgen voor technische vorming van de boeren in de streek, met aandacht voor een vooral ecologische aanpak van de landbouwtechnieken en -productie. Het beginnend centrum waar de vorming wordt gegeven doopten ze AGRIBEL FERME.

Julien vertelde ons dat 76% van de bevolking in de streek het moet stellen met 2 US$ per dag. 53% van de voedingsmiddelen voor de families worden ingevoerd uit het buitenland. 70% van de rurale families zijn actief in de landbouw, maar hun productie is onvoldoende om aan de voedselbehoeften te voldoen. Eén van de redenen hiervoor is dat de gronden onvoldoende beschermd worden en verarmd zijn. De toegepaste technieken zijn onvoldoende gericht op het aanreiken en vruchtbaarder maken van de gronden.
Er is nauwelijks aandacht van de overheid voor de lokale voedselproductie. Er zijn weinig vormingen, geen begeleiding, geen toegang tot middelen of kredieten om de boeren vooruit te helpen. Daarnaast is er de jaarlijkse dreiging van de natuurfenomenen: zware regens en orkanen of lange droogteperiodes. Ook in Haïti laat de klimaatverandering zich steeds sterker voelen en is er nog nauwelijks onderscheid tussen de seizoenen.
Toch blijft de bevolking zeer moedig en gebeurt er veel, vooral via de informele economie: wat boeren kunnen produceren wordt op de markt gebracht of geruild onder families… boeren worden steeds meer bewust van het belang van aangepaste landbouwtechnieken, waarbij ze erosie tegengaan door te werken met beschermende planten langs de hoogtelijnen op de hellingen. Ze verwerken afval van planten en groenten tot compost om zo hun velden vruchtbaarder te maken. Het zijn goede initiatieven, zij het evenwel op kleine schaal, waardoor de impact nog onvoldoende is om de globale situatie in het land te veranderen.
Veel jongeren verlaten daarom de rurale zones en gaan op zoek naar alternatieven. Maar in de steden is er veel werkloosheid, weinig kans tot vorming (want school kost geld). Beroepsopleidingen zijn er wel, maar gezien de economische situatie van het land moet men geluk hebben om werk te vinden. Slechts 2% van het staatsbudget gaat naar technische vorming; 90% van de scholen zijn privéscholen. De kwaliteit van het openbaar onderwijs is niet denderend, door overbevolkte klassen en onvoldoende gevormde leerkrachten.

Toch vindt Julien dat hij en zijn vrienden er moeten voor gaan en vanuit het middenveld initiatieven moeten durven nemen om de jongeren in hun omgeving van een betere en aangepaste vorming te voorzien en hen aan te moedigen om zich toe te leggen op betere productie van voedsel in hun streek.
Daarom lanceerden ze hun actie voor de uitbouw van een kleine productie-eenheid, met een luik vorming voor de jongeren en een luik praktische productiemodellen voor bananen, groenten, bijenteelt, kleinvee, varkensteelt en kippenteelt, alles met aandacht voor ecologische technieken. De studenten kunnen wat ze leerden in het centrum in praktijk brengen via stages en gemeenschappelijke aanleg van percelen voor productie.
Een belangrijk luik in de vorming is het leren ondernemen: met een groepje boeren kleine initiatieven opstarten en deze verder uitbouwen via de aanpak van de solidaire en sociale economie.

Verslag van de uiteenzetting 19 juni 2019